Bedrijfsgoederen die u bij de stopzetting nog bezit, geeft u aan op het formulier 604C. Ze worden gelijkgesteld met een levering van goederen die aan btw onderworpen is, met een herziening van uw aftrek in uw laatste aangifte. De herzieningstermijnen bedragen vijf jaar voor roerende en vijftien jaar voor onroerende bedrijfsmiddelen (art. 9 §§1–3 KB nr. 3).
Drie keuzes, drie fiscale gevolgen
Voor elk bedrijfsmiddel dat op de stopzettingsdatum nog in uw zaak zit, kiest u één van drie routes. Ze verschillen niet in moeilijkheid maar in wat u erna betaalt.
De onttrekking wordt gelijkgesteld met een levering onder btw. U geeft ze aan op het 604C en in uw laatste aangifte, met een herberekening van uw aftrekrechten.
Dan is er een gewone verkoop met btw, en mogelijk een stopzettingsmeerwaarde in uw personenbelasting. Verkoop vóór de stopzettingsdatum en verkoop erna worden anders behandeld.
Geen voorraad, geen materiaal, geen wagen: dan blijft alleen uw laatste aangifte en uw klantenlisting over. Dat is het eenvoudigste scenario, en het komt vaker voor dan mensen denken.
De herzieningstermijnen
Art. 9 §§1–3 KB nr. 3. De precieze rekenmechaniek bij een stopzetting hangt af van aankoopdatum, aftrek en waarde — laat dit nakijken in plaats van te rekenen op een vuistregel.
En de stopzettingsmeerwaarde?
Artikel 171 WIB 92 kent afzonderlijke tarieven toe: 33 % op immateriële vaste activa binnen de grens van de belastbare nettowinst van de vier voorafgaande jaren, 16,5 % op materiële en financiële vaste activa onder drie cumulatieve voorwaarden, en 10 % bij stopzetting vanaf 60 jaar, bij overlijden of bij gedwongen definitieve stopzetting.
De impact van de programmawet van 18 juli 2025 op artikel 171 hebben wij nog niet in een primaire bron kunnen vaststellen. Laat uw eigen situatie narekenen voordat u op deze tarieven rekent.
Uw leasingcontract
Loopt er nog een leasing of renting op uw wagen, dan regelt u dat vóór de stopzettingsdatum: overname, afkoop of vroegtijdige beëindiging. Elk van de drie heeft een eigen btw- en kostenafhandeling, en de leasinggever kijkt niet naar uw KBO-doorhaling.
Art. 9 §§1–3 KB nr. 3 · art. 171 WIB 92 · W.Btw (onttrekking van bedrijfsgoederen) · FOD Financiën, verklarende nota bij het formulier 604C. Inhoud gecontroleerd op 13 augustus 2026 door Niels.